DailyVerses.net
mailfacebooktwitterandroid
Deutsch | English | Español | Nederlands | Português | Slovenský

13 Biblické verše o Veľká Noc

« Matúš 28:5-6 »
Katolícky prekladBasisBijbel
Anjel sa prihovoril ženám: „Vy sa nebojte! Viem, že hľadáte Ježiša, ktorý bol ukrižovaný. Niet ho tu, lebo vstal, ako povedal. Poďte, pozrite si miesto, kde ležal.“Maar de engel zei tegen de vrouwen: "Wees niet bang. Want ik weet dat jullie Jezus zoeken, die gekruisigd is. Maar Hij is hier niet. Hij is opgestaan uit de dood, zoals Hij van tevoren heeft gezegd. Kom maar kijken waar Hij heeft gelegen."
Niet ho tu. Vstal z mŕtvych. Spomeňte si, ako vám povedal, keď bol ešte v Galilei: »Syna človeka musia vydať do rúk hriešnych ľudí a ukrižovať, ale on tretieho dňa vstane z mŕtvych.«Hij is hier niet. Hij is uit de dood opgestaan. Denk aan wat Hij tegen jullie heeft gezegd toen Hij nog in Galilea was. Toen heeft Hij gezegd dat de Mensenzoon door slechte mensen gevangen genomen en gekruisigd zou worden. Maar ook dat Hij op de derde dag weer uit de dood zou opstaan.
On sa im prihovoril: „Neľakajte sa! Hľadáte Ježiša Nazaretského, ktorý bol ukrižovaný. Vstal z mŕtvych. Niet ho tu. Hľa, miesto, kde ho uložili.“Hij zei tegen hen: "Schrik maar niet! Jullie zoeken Jezus uit Nazaret, die gekruisigd is. Maar Hij is opgestaan uit de dood. Hij is hier niet. Kijk, dit is de plek waar ze Hem hadden neergelegd."
Vyzliekli ho a odeli do šarlátového plášťa, z tŕnia uplietli korunu a položili mu ju na hlavu, do pravej ruky mu dali trstinu, padali pred ním na kolená a posmievali sa mu: „Buď pozdravený, židovský kráľ!“Ze trokken Hem zijn kleren uit en deden Hem een paarse mantel om. Ze vlochten een kroon van doorntakken en zetten die op zijn hoofd. Ook gaven ze Hem een rieten stok als staf in de hand. Toen vielen ze voor Hem op hun knieën en zeiden spottend: "We groeten U, koning van de Joden!"
Keď Ježiš okúsil ocot, povedal: „Je dokonané.“ Naklonil hlavu a odovzdal ducha.Toen Jezus van de zure wijn had gedronken, zei Hij: "Alles is gedaan!" En Hij boog zijn hoofd en stierf.
A zástupy, čo išli pred ním, i tie, čo šli za ním, volali: „Hosanna synovi Dávidovmu! Požehnaný, ktorý prichádza v mene Pánovom! Hosanna na výsostiach!“En de grote groep van mensen die voor Hem uit gingen en achter Hem aan kwamen, riep: "Hosanna voor de Zoon van David! Gods zegen op de man die door de Heer is gestuurd! Hosanna in de hoogste hemel!"
„Hľa, vystupujeme do Jeruzalema a Syn človeka bude vydaný veľkňazom a zákonníkom. Odsúdia ho na smrť a vydajú pohanom, aby ho vysmiali, zbičovali a ukrižovali, ale on tretieho dňa vstane z mŕtvych.“Hij vertelde hun: "We zijn nu op weg naar Jeruzalem. Daar zal de Mensenzoon gevangen genomen worden door de leiders van de priesters en de wetgeleerden. Ze zullen Hem laten doden. En ze zullen Hem aan de Romeinen uitleveren. Die zullen Hem belachelijk maken, zweepslagen geven en kruisigen. Maar op de derde dag zal Hij opstaan uit de dood en weer levend worden."
A Ježiš zvolal mocným hlasom: „Otče, do tvojich rúk porúčam svojho ducha.“ Po tých slovách vydýchol.En Jezus riep luid: "Vader, Ik vertrouw mijn geest aan U toe." Toen Hij dat had gezegd, stierf Hij.
Hovoril: „Abba, Otče! Tebe je všetko možné. Vezmi odo mňa tento kalich. No nie čo ja chcem, ale čo ty.“Hij zei: "Lieve Vader, voor U is alles mogelijk. Laat Mij alstublieft niet de wijnbeker leeg hoeven te drinken. Maar Ik zal niet doen wat Ik Zelf wil, maar wat U wil."
Vtedy vošiel aj druhý učeník, ten, čo prišiel k hrobu prvý, a videl i uveril. Ešte totiž nechápali Písmo, že má vstať z mŕtvych.Toen ging ook de leerling die het eerst bij het graf was aangekomen naar binnen. Door wat hij zag, geloofde hij. Want ze wisten nog niet dat in de Boeken staat dat Hij uit de dood zou opstaan.
Nad hlavu mu dali nápis s označením jeho viny: „Toto je Ježiš, židovský kráľ!“Boven zijn hoofd hingen ze een bord waarop stond waarom Hij de doodstraf had gekregen. Er stond op: 'Jezus, de koning van de Joden.'
Plesaj hlasno, dcéra Siona, jasaj, dcéra Jeruzalema, hľa, tvoj kráľ ti prichádza, spravodlivý je a prináša spásu, ponížený je a nesie sa na oslovi, na osliatku, mláďati oslice.Jubel en juich, bewoners van Jeruzalem! Kijk, jullie koning komt naar jullie toe. Hij is rechtvaardig en Hij zal jullie redden. Hij is bescheiden en rijdt op een jonge ezel.
Pane, spas ma; Pane, daj mi úspech. Požehnaný, ktorý prichádza v mene Pánovom. Požehnávame vás z domu Pánovho.Heer, red ons alstublieft! Heer, zorg er alstublieft voor dat het goed met ons gaat! Gezegend is de man die namens de Heer komt. In het heiligdom van de Heer bidden we dat God goed voor jullie zal zijn.
Biblický verš dňa
Žalmy 145:18
Blízky je Pán všetkým, čo ho vzývajú, všetkým, čo ho vzývajú úprimne.
Odoberať denne Biblický verš:
mailE-mail
facebookFacebook
twitterTwitter
androidAndroid
Osobný Plán čítania Biblie
Vytvorte si účet na nastavenie vášho Plánu čítania Biblie a uvidíte váš progres a nasledujúcu kapitolu na prečítanie tu!
Prijať Táto stránka používa cookies