DailyVerses.netThema'sWillekeurige tekstInschrijven

Bijbelteksten over Lof

«HEER, u bent mijn God. Ik zal u hulde bewijzen, uw naam… Jesaja 25:1»
HEER, u bent mijn God. Ik zal u hulde bewijzen, uw naam loven. Want wonderbaarlijk zijn uw daden, u hebt uw beleid sinds mensenheugenis trouw en betrouwbaar uitgevoerd.O Here, Gij zijt mijn God, U zal ik verheffen, uw naam loven, want Gij hebt wonderen gedaan, raadsbesluiten uit een ver verleden in waarheid en trouw volvoerd.
Alles wat adem heeft, loof de HEER. Halleluja!Alles wat adem heeft, love de Here. Halleluja.
Prijs de HEER, mijn ziel, prijs, mijn hart, zijn heilige naam.Loof de Here, mijn ziel, en al wat in mij is, zijn heilige naam.
De HEER is mijn kracht en mijn schild, op hem vertrouwde mijn hart, ik werd geholpen en mijn hart jubelde, hem wil ik loven in mijn lied.De Here is mijn kracht en mijn schild; op Hem vertrouwde mijn hart en ik werd geholpen. Daarom juicht mijn hart en loof ik Hem met mijn lied.
Ik wil u loven, HEER, met heel mijn hart, vertellen van uw wonderdaden.Ik zal U loven, Here, met mijn ganse hart, ik wil al uw wonderen verhalen.
Uw liefde is meer dan het leven, mijn lippen zingen uw lof. U wil ik prijzen, mijn leven lang, roepend uw naam, de handen geheven.Want uw goedertierenheid is beter dan het leven; mijn lippen zullen U roemen. Zo wil ik U prijzen mijn leven lang, in uw naam mijn handen opheffen.
Wat ben je bedroefd, mijn ziel, en onrustig in mij. Vestig je hoop op God, eens zal ik hem weer loven, mijn God die mij ziet en redt.Wat buigt gij u neder, o mijn ziel, en wat zijt gij onrustig in mij? Hoop op God, want ik zal Hem nog loven, mijn Verlosser en mijn God!
Om middernacht waren Paulus en Silas aan het bidden en zongen ze lofliederen voor God. De andere gevangenen luisterden aandachtig naar hen.Maar omstreeks middernacht baden Paulus en Silas en zongen Gods lof, en de gevangenen luisterden naar hen.
U was het die mijn nieren vormde, die mij weefde in de buik van mijn moeder. Ik loof u voor het ontzaglijke wonder van mijn bestaan, wonderbaarlijk is wat u gemaakt hebt. Ik weet het, tot in het diepst van mijn ziel.Want Gij hebt mijn nieren gevormd, mij in de schoot van mijn moeder geweven. Ik loof U, omdat ik gans wonderbaar ben toebereid, wonderbaar zijn uw werken; mijn ziel weet dat zeer wel.
Groot is de HEER, hem komt alle lof toe, zijn grootheid is niet te doorgronden.De Here is groot en zeer te prijzen, zijn grootheid is ondoorgrondelijk.
Heel de dag is mijn mond vervuld van uw lof en uw luister.Mijn mond is vervuld van uw lof, de ganse dag van uw luister.
Elk schepsel in de hemel, op aarde, onder de aarde en in de zee, alles en iedereen hoorde ik zeggen: 'Aan hem die op de troon zit en aan het lam komen de dank, de eer, de lof en de macht toe, tot in eeuwigheid.'En alle schepsel in de hemel en op de aarde en onder de aarde en op de zee en alles wat daarin is, hoorde ik zeggen: Hem, die op de troon gezeten is, en het Lam zij de lof en de eer en de heerlijkheid en de kracht tot in alle eeuwigheden.
De HEER wil ik prijzen, elk uur van de dag, mijn mond is altijd vol van zijn lof.Ik wil de Here te allen tijde prijzen, bestendig zij zijn lof in mijn mond.
Laat Christus’ woorden in al hun rijkdom in u wonen; onderricht en vermaan elkaar in alle wijsheid, zing met heel uw hart psalmen en hymnen voor God en liederen die de Geest u vol genade ingeeft.Het woord van Christus wone rijkelijk in u, zodat gij in alle wijsheid elkander leert en terechtwijst en met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen zingende, Gode dank brengt in uw harten.
Loof de HEER, roep luid zijn naam, maak zijn daden bekend onder de volken.Looft de Here, roept zijn naam aan, maakt onder de volken zijn daden bekend.
Ten slotte, broeders en zusters, schenk aandacht aan alles wat waar is, alles wat edel is, alles wat rechtvaardig is, alles wat zuiver is, alles wat lieflijk is, alles wat eervol is, kortom, aan alles wat deugdzaam is en lof verdient.Voorts, broeders, al wat waar, al wat waardig, al wat rechtvaardig is, al wat rein, al wat beminnelijk, al wat welluidend is, al wat deugd heet en lof verdient, bedenkt dat.
Want er staat geschreven: 'Zo waar ik leef - zegt de Heer -, voor mij zal elke knie zich buigen, en elke tong zal God loven.'Want er staat geschreven: (Zo waarachtig als) Ik leef, spreekt de Here: voor Mij zal alle knie zich buigen, en alle tong zal God loven.
U, mijn God en koning, wil ik roemen, uw naam prijzen tot in eeuwigheid.Ik zal U verhogen, mijn God, Gij Koning, ik zal uw naam prijzen voor altoos en immer.
Op God, wiens woord ik prijs, op God vertrouw ik, angst ken ik niet, wat kan een sterveling mij aandoen?Op God, wiens woord ik prijs. Op God vertrouw ik, ik vrees niet; wat zou vlees mij aandoen?
Op die dag zullen jullie zeggen: ‘Loof de HEER, roep zijn naam uit. Maak alle volken zijn daden bekend, verkondig zijn verheven naam.’En gij zult te dien dage zeggen: Looft de Here, roept zijn naam aan, maakt onder de volken zijn daden bekend, vermeldt, dat zijn naam verheven is.
Elke dag kwamen ze trouw en eensgezind samen in de tempel, braken het brood bij elkaar thuis en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde. Ze loofden God en stonden in de gunst bij het hele volk. De Heer breidde hun aantal dagelijks uit met mensen die gered wilden worden.En voortdurend waren zij elke dag eendrachtig in de tempel, braken het brood aan huis en gebruikten hun maaltijden met blijdschap en eenvoud des harten, en zij loofden God en stonden in de gunst bij het gehele volk. En de Here voegde dagelijks toe aan de kring, die behouden werden.
Ik zal u loven met een oprecht hart als ik uw rechtvaardige voorschriften leer.Ik zal U loven in oprechtheid des harten, wanneer ik uw rechtvaardige verordeningen leer.
Toen mijn mond hem aanriep, lag een lofzang op mijn tong.Nauwelijks had ik met mijn mond tot Hem geroepen, of er was een lofzang onder mijn tong.
U, God van mijn voorouders, loof ik en roem ik, want u hebt mij wijsheid en kracht geschonken, en mij onthuld wat wij u hebben afgesmeekt, u hebt ons laten weten wat de koning verontrust.U, o God mijner vaderen, loof en roem ik, omdat Gij mij wijsheid en kracht verleend hebt, en mij thans hebt bekendgemaakt wat wij van U gesmeekt hebben, daar Gij ons immers de zaak des konings hebt bekendgemaakt.
Uit dezelfde mond klinkt zegen en vervloeking. Dat kan toch niet goed zijn, broeders en zusters?Uit dezelfde mond komt zegening en vervloeking voort. Dit moet, mijn broeders, niet zo zijn.

Toen stond Job op, hij scheurde zijn kleren, schoor zijn hoofd kaal en wierp zich neer in het stof. En hij zei: ‘Naakt ben ik uit de schoot van mijn moeder gekomen en naakt zal ik in haar schoot terugkeren. De HEER heeft gegeven, de HEER heeft genomen, de naam van de HEER zij geprezen.’Toen stond Job op, scheurde zijn mantel en schoor zijn hoofd; daarop wierp hij zich ter aarde, boog zich neer en zeide: Naakt ben ik uit de schoot mijner moeder gekomen, naakt zal ik daarheen wederkeren. De Here heeft gegeven, de Here heeft genomen, de naam des Heren zij geloofd.
Vorige12Volgende

Bijbeltekst van de dag

Wees blij met wie zich verblijdt, heb verdriet met wie verdriet heeft.

Ontvang de dagelijkse Bijbeltekst:

Persoonlijk Bijbelleesrooster

Maak een account aan om jouw leesrooster in te stellen en zie hier je voortgang en de volgende tekst die je moet lezen!
Lees meer...